top of page

Lisdodden in de bouw

In gesprek met Coen Verboom, innovator bij het Friese bouwbedrijf Dijkstra Draisma.



Coen met een voorbeeld van een spouw gevuld met lisdoddenmateriaal (Foto Dijkstra Draisma)


Waaraan werk jij op dit moment?

“Ik ben verantwoordelijk voor de materialentransitie. Samen met onze innovatieafdeling werk ik aan duurzame energie en duurzame materialen.

De CO2-uitstoot van Nederland is nog steeds te hoog en dat is voor een belangrijk deel aan de bouw te wijten. Deze gebruikt te veel materialen en niet op een efficiënte manier. Daarbij wordt te veel CO2 uitgestoten. En we zitten ook nog met de uitdaging dat we een miljoen woningen nodig hebben voor 2030!”


Welke oplossingen zie je?

“Biobased materialen kunnen een uitkomst bieden. Dit zijn materialen uit de levende natuur, die vaak biologisch afbreekbaar zijn. Het belangrijkste voorbeeld is hout. Maar wij onderzoeken ook de mogelijkheden van hennep en lisdodde.

De lisdodde vind je in Friesland overal aan de waterkant en staat ook bekend als stinksigaar, of “tuorrebout”. Van deze materialen kunnen we echter niet zomaar ergens een ton bestellen. We moeten er een hele nieuwe keten voor opzetten.”


Hoe doe je dat?

“Momenteel benaderen boeren met de vraag of ze lisdodden willen verbouwen. Zelf hebben we ook een veld en als een bouwbedrijf lisdodden kan telen, moeten boeren het zeker kunnen! Wij helpen ze graag op weg.

En dan gaat het niet alleen om de praktijk van het telen. De belangrijkste uitdaging is namelijk de ontwikkeling van een verdienmodel.”


Hoe kan zo’n verdienmodel er uit zien?

“Lisdodde is een zogenaamde natte teelt. Je verbouwt deze moerasplant in gebieden met een hoog waterpeil. Veenweidegebieden zijn hiervoor heel geschikt, want de lisdodde gedijt er goed en natte veenweidegebieden houden veel CO2 vast.

Een boer die lisdodden verbouwt, levert een bijdrage aan de vermindering van het broeikaseffect. Dat is een dienst aan de samenleving, waarvoor hij betaald kan worden, bijvoorbeeld door middel van koolstofcredits.

Die credits kan de boer verkopen op de vrijwillige koolstofmarkt. Klanten zijn bedrijven, of instellingen die hun uitstoot van broeikasgassen (nog) niet voldoende beperken. Zij kunnen dat overschot compenseren door koolstofcredits te kopen. Bijvoorbeeld bij een lisdoddenboer!

Die handel, in combinatie met de prijs waarvoor wij de lisdodden afnemen, levert een interessant verdienmodel op.”


Wat maken jullie van de lisdoddeplanten?

“Van de stengel en het pluis maken wij isolatiemateriaal. De stengel is heel isolerend, vanwege de vele luchtkamertjes die er in zitten. Het pluis zorgt voor structuur.

Tot nu toe gebruiken we lisdodden alleen voor losgestort isolatiemateriaal. Het is het meest geschikt voor houtbouw.

Andere biobased isolatiematerialen zijn: wol, hennep, vlas en cellulose. Het voordeel van lisdodde is, dat je de lisdoddenplant heel efficiënt kunt benutten en dat de plant op vernat veen groeit. Wanneer je CO2-uitstoot wilt verlagen, is lisdodde daarom de beste optie! Daarnaast kun je deze inheemse moerasplant gemakkelijk lokaal produceren en dat is ook weer gunstig voor de ecologische footprint.”


Wat is het belang van de consument?

“Het natuurlijke isolatiemateriaal zorgt voor een aangenaam binnenklimaat. Het houdt de temperatuur constant en reguleert daarnaast het vochtpercentage in de lucht. Wij krijgen altijd hele positieve reacties terug van klanten.

Momenteel is er dan ook meer vraag naar isolatiemateriaal van lisdodden dan dat er aanbod is. Ik doe daarom een oproep aan veenweideboeren: overweeg ook eens de teelt van lisdodden. Daarmee lever je een positieve bijdrage aan de oplossing van het broeikaseffect en kun je misschien ook nog een leuk verdienmodel creëren.”


Voor meer informatie, neem contact op met Coen Verboom via info@bgdd.nl

of 0519-229999


bottom of page